zaterdag 30 november 2013

Concertverslag: Cut Copy (Beursschouwburg, Brussel)

We herinneren ons nog goed dat we in 2008 twee nieuwe electropopbandjes leerde kennen. Aan de ene kant was er Late Of The Pier met ondermeer Space And The Woods en aan de andere kant Cut Copy met Hearts On Fire en Lights & Music. In ons hoofd zijn deze twee bands dan ook voor altijd gelinkt, zonder goede reden hiertoe. Gisterenavond stond de enige band van deze twee die nog bestaat in de Beursschouwburg, namelijk Cut Copy.

Beginnen doen we uiteraard met het voorprogramma dat werd verzorgd door de mannen van Shine 2009. Na te laat te beginnen en dan nog eens gestopt te worden om nog wat te wachten, begonnen ze eindelijk aan hun set. Deze Finnen mannen spelen een soort van aangename electropop die zich ergens op het spectrum tussen Cut Copy en Empire of the Sun ligt. En zoals gezegd: aangenaam is het zeker. Lekkere, dansbare deuntjes; toffe samples; een sterke stem;… wat moet een mens meer hebben. Gratis tip: luister eens naar Older. Enige opmerking: vervang die pc door een mens aan een keyboard of zo om te vermijden dat er geen enkele vorm van improvisatie mogelijk is.

Een half uurtje later was het dan de beurt aan het hoofdprogramma. Openen deden deze Australiërs met Free Your Mind van op nieuwste worp met dezelfde titel. Deze song zorgde er meteen voor dat de sfeer erin zat en er een eerste meezingmomentje was. Het werd ook allemaal heel strak gebracht en je zag dat ze er zin in hadden. Ook bij de volgende nummers als Feel The Love en In Memory Capsule konden we blijven dansen. De avond had alles van een tof feestje!

Na een 40-tal minuten was het tijd voor de eerste van de twee eerder vernoemde song, namelijk Hearts On Fire. Bij deze song was de herkenning in het publiek nog hoger en schakelde het feestje nog een versnelling hoger. Het viel daarna een beetje stil met That Was Just a Dream van hun eerste plaat, maar het bleef een feestje. Het enige probleem was dat het voor ons de laatste song was.

Het late beginuur, de vertraging voor het voorprogramma en de tergend lange overgang tussen de bands zorgden ervoor dat de laatste trein verdacht dichtbij sloop en wij moesten vertrekken. Een domper op zo’n toffe avond waarop we een nieuwe leuke zaal ontdekten en een tof, maar kort feestje bouwden. Nu kan u zich afvragen of we wel genoeg gezien hebben om een oordeel te vellen over het optreden. Hierop kunnen we enkel zeggen dat het eerste deel overtuigend genoeg was om ons het spijtig te laten vinden dat we geen tweede deel zagen.

Aroen


P.S.: Voor zij die het zich afvragen, natuurlijk had de trein dan ook nog meer dan tien minuten vertraging. We hadden dus nog minstens twee extra liedjes kunnen blijven.

Concertverslag: White Lies (Ancienne Belgique)

White Lies tourt met ondertussen al hun derde album sinds 2009. Aan werklust ontbreekt het hen dus niet, maar helaas voor hen wel aan positieve recensies voor hun laatste langspeler 'Big TV', dat bij bijvoorbeeld Enola een schaamtelijke 2/10 en bij andere recensenten iets rond de helft kreeg. Ook ondergetekende is geschrokken van het resultaat: enkel de eerste twee singles en 'Change' zijn op niveau. De verklaring hiervoor gaven ze vlak voor hun release zelf: ze schreven hun nummers moedwillig eenvoudig en poppy om een groot publiek aan te spreken. Dan verschuift de inhoud uiteraard naar een ver achterkamertje. Benieuwd dus of ze live dezelfde indruk zouden geven.

In The Valley Below mocht het publiek opwarmen, en ondanks de lauwe reactie van het publiek was hun poging best geslaagd. Het was wel duidelijk waarom zij het voorprogramma van White Lies verzorgden: het eerste album van laatstgenoemden weerklonk duidelijk in zowat al hun nummers. Dat in vreemd contrast met de zanger en zangeres, die in een soort Cash-Carter-dynamiek op het podium stonden en ook met hun kleding eerder country dan post-punk ademden. Voor de nieuwsgierigen: check zeker eens single 'Peaches'.

White Lies zelf bracht vanaf hun eerste nummer 'To Lose My Life' meteen een portie rock à la U2 de AB binnen. Show noch moeite werd gespaard om dit effect te verkrijgen, hoewel we alles toch al elders hadden gezien: de typische groene lasers, enorme hoeveelheden rook (die men al een half uur voor het begin begon te spuiten, onze levensduur is er wellicht enkele dagen verkort) die de lichtshow moest benadrukken, schermen achteraan zoals we die ook op festivals kennen en gigantische ballonnen die op het einde van de show werden losgelaten. Ondertussen zweepte atypische frontman McVeigh het publiek op met enkele flauwe c'mons en wat handgebaren.

Gelukkig zorgde hun strakke set met amper valse noten (tegen de verwachting in) ervoor dat het optreden geen lege doos bleef. Met 'There Goes Our Love Again' werd meteen een tweede meezinger het publiek ingegooid, waarna enkele andere toppers van het eerste album als 'A Place To Hide', 'Farewell To The Fairground' en vooral publiekslieveling 'Unfinished Business' de zaal regelmatig de longen uit het lijf liet zingen en een golf van energie door de zaal stuurden. Op dat moment konnen we ze nog heel makkelijk vergeven voor flauwe nummers en performances als die bij 'Be Your Man' of 'Mother Tongue'.

Opvallend ook: vooral nummers van het tweede album bleken er moeilijker in te gaan bij het publiek, wellicht ook de reden dat ze hieruit maar vier nummers speelden en zo hun meest epische hit 'Strangers' botweg aan de kant lieten. Nochtans vormden deze experimentelere en minder voorspelbare nummers zoals hoogtepunt 'The Power & The Glory' - helaas zonder dat vreemde elektronische geluidje - een noodzakelijke afwisseling ten opzichte van het soms nummer na nummer afwerken van strofe-refrein-strofestructuren. Naar het einde toe ging de set helaas bergaf met een slechte Prince-cover (I Would Die 4U) en een paar nieuwe nummers die niet meer dan onderhoudend werkten.

Misschien was dit wel een ingecalculeerde adempauze voor hun grote eindschot. Met hun meest epische nummers als Death en Big TV ontspon zich een groot feest dat helemaal losbarstte bij Bigger Than Us, met een lichtshow en de gigantische ballonnen die de zaal verkenden. De staande ovatie op het einde was wellicht wat overdreven, maar alleszins een zeer sterke performance van een band met een nochtans slechte live-reputatie. We benijden in ieder geval zij die hen met hun vorige album nog hebben kunnen aanschouwen.

Maarten

Setlist:
To Lose My Life 
There Goes Our Love Again 
A Place to Hide 
Mother Tongue 
Streetlights 
Farewell To The Fairground 
Be Your Man 
E.S.T. 
The Power & The Glory 
Getting Even 
Unfinished Business 
Goldmine 
I Would Die 4 U 
First Time Caller 
Death

Big TV 


woensdag 27 november 2013

CD-review: Vök - Tension (EP)

Zoals u ongetwijfeld al weet hebben wij hier een zwak voor IJslandse muziek, maar we kunnen het dan ook niet helpen dat deze noordelijk eilandbewoners heel erg creatieve geesten zijn en ons nog nooit teleurgesteld hebben met hun muziek. Dat doet ook IJslands jongste band Vök niet, het duo rond Margrét Rán, die de zang, gitaar en keyboard voor haar rekening neemt, en Andri Már, die het geheel stoffeert met een saxofoon en enkele beats, heeft net zijn eerste EP, Tension, uit en doet op geheel eigen wijze erg denken aan The XX. Dat trok natuurlijk onze aandacht en we haalden 'Tension' dan ook in huis. Vijf nummers telt deze EP, maar vijf nummers die echt wel kunnen tellen en het beste doen vermoeden voor de toekomst.

Dat deze band uit IJsland komt merk je al tijdens het eerste nummer, waarbij je verwelkomt wordt door het geluid van botsende gesteentelagen en vulkanisch geweld dat lijkt alsof het opgenomen werd in het binnenste van onze aardkorst wat alles heel erg overweldigend en indrukwekkend maakt. Niets nieuws natuurlijk, Sigur Rós deed het al op Kveikur met opener 'Brennistein' en het is wederom bewezen, schrijven over een IJslandse band, zonder Sigur Rós te vermelden, is onmogelijk. Opener 'Við vökum' is er meteen boenk op, met ritmisch drumwerk en leutig gitaarwerk. Enkele keelklanken van zangeres Margrét Rán en een refrein verder komt er een saxofoon bij kijken en zo krijgen we meteen alles wat dit duo in zijn mars heeft voor de schoot geworpen.

'Before' is dan weer heel erg The XX-achtig. De zang lijkt heel erg op die van Romey Madley Croft en ook het gitaarwerk lijkt zo weggehaald uit een nummer van voorgenoemde Britten, de saxofoon steekt het dan weer in een heel nieuw jasje en ook de ietwat eclectische compositie en ditto tekst geeft het geheel een soort van schwung die je minder en minder bij The XX terugvindt. 'Tension' is dan weer een verscheurende ballad over het einde van een liefdesrelatie en de amour noir spat werkelijk van het nummer af en grijpt je bij de keel met behulp van zorgvuldig geplaatste elektronicabliepjes, soundscapes dmv de gitaar en een saxofoon die er doorheen gejaagd wordt. Je voelt werkelijk de hartzeer van dit tweetal.

Tot zover dus de Engelstalige nummers, want we gaan verder met 'Ég bíð þín', wat 'ik wacht op je' betekent. U hoort het al, wederom een ballad en ook deze mag er zijn. De manier waarop Margrét Rán zingt, eigenlijk doet ze dat in alle nummers op dezelfde manier, maar goed, geeft goed de emotie en het smachtende verlangen weer waar het in dit nummer over gaat, als we op de titel mogen afgaan natuurlijk. Afsluiter 'Á Ný' begint dan weer met enkele gitaarakkoorden waarbij dan zachtjes en subtiel een saxofoon komt opzetten. We beginnen een rode draad te ontwarren in deze EP, liefdesperikelen, spanningen binnen relaties, de verhalen en leugens van de ander beu zijn en toch geen afscheid kunnen nemen van elkaar. Ook in 'Á Ný', wat  'Opnieuw' betekent, ontwaren we zo'n kluwen.

We kunnen er in onze analyse natuurlijk ook kilometers naast zitten, maar het feit blijft wel dat deze EP hier ondertussen al grijs gedraaid is. Knap werk van dit jonge (zeventien nog maar) tweetal, zeker als je in rekening neemt dat deze band pas gesticht werd in februari van dit jaar en dus ook muzikaal nog niet volgroeid is. We kijken dus al uit naar het eerste volwassen album van Vök.

Aron


zondag 24 november 2013

Single van de week: I Break Horses - Faith

We leerden het Zweedse duo I Break Horses al een tijdje geleden kennen, ten tijde van hun eerste album Hearts en toen ze het voorprogramma van M83 in de USA deden. Nu zijn ze terug met het uiterst dansbare nieuwe single Faith. Stoelen en tafels aan de kant!


donderdag 21 november 2013

CD-review: CHVRCHES - The Bones Of What You Believe

Ze werd al lang verwacht en nu is ze er eindelijk, het debuutalbum van het Schotse CHVRCHES. De eerste singles die gereleased werden, zoals 'The Mother We Share' deden al het beste vermoeden en ook de nummervijfnotering in BBC's Sound of 2013 zorgde voor torenhoge verwachtingen m.b.t. tot debuutalbum 'The Bones of What You Believe'. Tel daar nog eens bij dat we live heel erg genoten hebben van dit trio tijdens Les Nuits Botanique en dat, volgens zij die erbij waren, ook het optreden op Pukkelpop zeer te pruimen was, en je weet hoe zeer wij uitkeken naar dit album. Torenhoge verwachtingen dus en dan horen we u vragen: "Worden die wel ingelost?". Het antwoord is: "Deels".

De plaat begint geweldig met "The Mother We Share", iedereen kent het nummer intussen al, met de kenmerkende oh-oh-oh's aan het begin, lekker dansbare elektronica en een leuk refrein krijgen we meteen het beste dat Chvrches in huis heeft voor de voeten geworpen. Het Schotse trio is vooral te vergelijken met Grimes, The Knife en Robyn, om verder te gaan, ze maken er een perfecte mix van. De elektronica van The Knife, het melodieuze van Grimes en het popgehalte van Robyn. Ook "We Sink" getuigt daarvan, en de refreinen van deze eerste twee nummers zijn echte meezingers.

"Gun" gaat op hetzelfde elan verder, maar "Theter" begint dan weer eerder onorthodox binnen het Chvrches-repertoire en is een eerder traag nummer. Een behoorlijk vroeg rustpunt en de eerste keer dat we de gitaar duidelijk op de voorgrond horen komen. Naar het einde van het nummer komt er een toch wel zeer dansbare elektronica op je af, we vermoeden dat dit nummer live ook heel erg goed tot zijn recht zal gaan komen. Het vooruitgeschoven "Lies" is ook weer heel erg Grimes- en Robynachtig. De stem van zangeres Lauren Mayberry, een niet zo heel erg speciale stem als je het ons vraagt, past wel uitstekend bij de muziek van Chvrches en dat komt goed tot uiting in dit lied.

En hoe goed de stem van Mayberry ook bij deze muziek past, de Schotten vonden het nodig om ook ofwel Iain Cook ofwel Martin Doherty (we weten niet welke van de twee het is) een nummer te gunnen op deze plaat "Under The Tide". Goed nummer, dansbaar en al wat je wil, maar wij hadden toch liever gezien dat mevrouw Mayberry de zang voor haar rekening zou blijven nemen. De man zingt goed, daar niet van, maar de vraag is of zijn stem wel past bij deze muziek, al menen we ons te herinneren dat dit nummer live toch wel goed uit de verf kwam, bij dit nummer plaatsen we dan maar vraagtekens.

In "Recover" neemt Mayberry terug de micro op en wat een zalig nummer is dat toch en erg genietbaar, doch dansbaar. Ook "Night Sky" moeten we bij de vorige categorie rekenen. "Science, Visions" doet dan weer heel erg aan Silent Shout van The Knife denken, dus u weet al dat wij er heel erg positief over denken. Over "Lungs" zijn we dan weer minder enthousiast, het wordt een beetje te veel van het zelfde en we hadden de Schotten liever iets origineler uit de hoek horen komen, zeker na een tiental nummers. Het refrein van dit nummer laat ook een beetje te wensen over en de wannabe-dubstep die er doorgedraaid wordt had voor ons niet gehoeven.

Ook "By The Throat" roept bij ons hetzelfde gevoel op, al is het refrein hier wel van een veel hogere kwaliteit, maar de uitwerking is op zijn zachtst gezegd slordig te noemen met een rustig pianoachtig intermezzo (Alleen Arcade Fire komt daar mee weg) en een ietwat vreemde opbouw. Slotnummer "You Caught The Light" begint met enkele etherische synthlijnen en het lijkt erg goed te gaan worden, tot we vernemen dat weer een van de twee heren de micro ter hand pakt. Ook de veelbelovende synthlijnen worden op den duur een beetje saai en deze plaat had een betere afsluiter verdiend.

Kortom Chvrches heeft een goed debuutalbum afgeleverd en op deze manier de kleine hype die rond hun muziek is ontstaan gerechtvaardigd. Als dit debuutalbum een maatstaf is, dan komt het trio binnenkort met een heuse klassieker op de proppen, al zullen ze dan wel een heel album moeten kunnen boeien.

Aron

dinsdag 19 november 2013

Don't Look Back In Anger: Tinariwen

De kans is bestaande dat u niet zo heel veel Malinese bands kent, maar de kans dat u één Malinese band kent en dat die band Tinariwen (zo krijgt u ook uw eerste woordje Tamasheq mee, want Tinariwen betekent in die taal 'woestijnen') heet, is dan wel weer bestaande. Terecht zouden we zeggen, want deze heren maken leuke muziek, waarmee ze onze muziekbibliotheek binnenkwamen, en er schuilt een mooi verhaal achter dat omschreven wordt als "The most rock'n'roll of them all" (The Irish Times), "The most compelling of any band" (Songlines) en "Hard-bitten and Dramatic" (Slate.com en The Independent) . Reden genoeg dus om ze in deze rubriek aan bod te laten. 

Tinariwen is ontstaan in 1979 in Tamanrasset, Algerije, maar de bandleden zijn allen afkomstig uit noordelijk Mali, dat ze ontvlucht waren door een Touaregopstand. In de jaren negentig keerden ze er terug nadat een vredesverdrag ondertekend werd in Ouagadougou en er zo een einde gemaakt werd aan de onlusten. Sinds 2001 begint de band buitenlandse bekendheid te verwerven dankzij gesmaakte passages op het Festival Du Désert in Mali en op het beter bekende Roskilde Festival in Denemarken. In 2007 brachten ze de cd 'Aman Iman' ('Water is Life') uit dat wereldwijd goede kritieken kreeg. Hun vijfde album 'Tassili', uit 2011 won later een Grammy voor beste album in de categorie wereldmuziek. Onderstaande nummer komt uit dat album.






De reden waarom het verhaal achter Tinariwen zo tot de verbeelding spreekt, is om wat er allemaal in de levensloop van de bandleden is gebeurd. De band werd gesticht door Ibrahim Ag Alhabib die al op jonge leeftijd kennis maakte met wat we ooit omschreven hoorden als "The bitter pill of mortality", want toen hij vier jaar oud was, werd zijn vader voor zijn ogen geëxecuteerd als een Touragrebel tijdens een opstand in 1963. De jonge Ibrahim kwam in vluchtelingenkampen in Algerije terecht en later sloot hij zich aan bij andere Touareg bannelingen in Libië en Algerije.

De liefde voor de gitaar is er later gekomen, toen hij een Westernfilm zag met een gitaarspelende cowboy in de hoofdrol. Ag Alhabib bouwde zijn eigen gitaar met behulp van een tinnen pot, een stok en remdraden van een fiets waarop hij oude Touaregmuziek combineerde met moderne Arabische popmuziek. Hij kreeg zijn eerste echte gitaar van een Arabische local uit Tamanrasset. En hoewel hun muziek vooral vergeleken wordt met Amerikaanse Bluesmuziek met een Afrikaans kantje, claimen de bandleden nooit Bluesmuziek gehoord te hebben tot ze in 2001 begonnen te touren.


In de late jaren zeventig (toen Ibrahim rond de twintig jaar was) voegde hij zich bij een groep muzikanten die radicale Chaabi protestmuziek, combineerde met Algerijnse poprai en westerse artiesten zoals Elvis Presley, Jimi Hendrix, Led Zeppelin en Bob Marley. Tinariwen kwam pas echt van de grond toen Ibrahim Ag Alhabib een groepje vormde met Inteyeden Ag Ablil, diens broer Liya en Hassan Ag Touhami om op bruiloften te spelen. Omdat de band geen echte naam had, begonnen mensen hen Kel Tinariwen te noemen, wat vertaald kan worden als The People of the Deserts of The Desert Boys.

In 1980 nodigde toenmalig Libisch leider Moammar Khadaffi alle jonge Touaregs die illegaal in Libië verbleven om zich in te lijven bij het leger. Khadaffi droomde immers van een Sahara regiment bestaande uit de beste Touaregsoldaten. De leden van Tinariwen gingen in op de uitnodiging en kregen een training van negen maanden. In 1985 deden ze hetzelfde op uitnodiging van Libische Touaregrebellen waar ze medemuzikanten Keddou Ag Ossade, Mohammed Ag Itale, Sweiloum, Abouhadid en Abdallah Ag Alhousseyni. Zo was Tinariwen geboren, en het ensemble schreef nummers over de moeilijkheden waar de Touaregs mee te  maken krijgen, bouwden een geïmproviseerde studio en zworen om gratis muziek op te nemen voor al wie hen een lege cassette leverde. Deze homemade cassettes werden wijd verspreid in heel de Sahara.


In 1990 kwamen de Touaregs in opstand tegen de Malinese regering en sommige leden van Tinariwen rebelleerden mee. Na de Tamanrasset akkoorden in 1991, die het einde van de rebellie inluidden, verlieten de muzikanten het leger en gingen ze voltijds muziek maken. In 1992 trokken ze naar Abidjan (Ivoorkust) om een cassette (jawel) op te nemen en ze speelden af en toe een optreden voor geïsoleerde Touareggemeenschappen in de Sahara, wat hen, via mond-aan-mondreclame grote populariteit opleverde.

De internationale doorbraak heeft lang op zich laten wachten, maar in 1998 veranderde alles. Lo'Jo, een Franse groep wereldmuzikanten, was in Bamako en ontmoette daar twee leden van Tinariwen. De twee bands organiseerden, in nauwe samenwerking met het Belgische Sfinksfestival, samen het Festival of the Desert in Mali in 2001. Dat zorgde er voor dat Tinariwen veel aandacht kreeg in het buitenland. tegen het einde van 2001 hadden ze al opgetreden op diverse festival waarvan Roskilde de bekendste was en hun debuutalbum 'The Radio Tisdas Sessions' werd gereleaset, de eerste keer dat hun muziek buiten Afrika te koop  was. Sinds 2001 hebben ze ook opgetreden op Glastonbury en Coachella en kregen ze er bekende fans zoals Robert Plant, Carlos Santana en Thom Yorke bij. In 2005 konden ze een BBC Award for World Music op de schouw zetten.

Het is u wellicht ook niet ontgaan dat er onlangs een groot conflict was in Noordelijk Mali, de thuisplaats van Tinariwen. De islamistische organisatie Ansar Dine greep de macht en verklaarde: "We do not want Satan's music. It will be replaced by Quranic verses, for Sharia demands this and God's command must be done". De muziek van Tinariwen werd dus de facto verboden en toen grote delen van Noord-Mali veroverd werden door Ansar Dine, ontvluchtte Tinariwen de regio. Alleen Abdallah Ag Lamida werd gearresteerd in januari 2013 door Ansar Dine, omdat hij zijn gitaren probeerde te redden. De band liet later weten dat Ag Lamida vrij en veilig was.

Zo eindigt voorlopig het verhaal van Tinariwen. Wij leerden hen kennen door hun gesmaakte passage op Primavera Sound in Barcelona (verslagje hier) en lieten hen sindsdien niet meer los.


Aron