dinsdag 5 november 2013

Festivalverslag: Iceland Airwaves 2013 - dag 1

Vorig jaar waren we zo blij als een kind toen we vernamen dat we eindelijk naar Airwaves gingen, dat ietwat ongekende festival rond de poolcirkel. De ervaring was danig onvergetelijk dat we dit jaar opnieuw wilden gaan en dus deden we dat dan maar, boekten een ticket, probeerden onze vrienden te overtuigen mee te komen, om dan toch alleen het vliegtuig op te stappen. Geen erg, want een festival dat namen kan brengen zoals Omar Souleyman, Kraftwerk, Ólafur Arnalds, Emiliana Torrini, For A Minor Reflection, Ásgeir Trausti en Samaris en waar bovendien een heel gezellige sfeer hangt, daar zeggen we geen neen tegen.

Airwaves is een festival waar er naast het officiële programma, zo'n 250 optredens, ook nog eens plaats is voor een hele rits optredens (750 dit jaar) in hartje Reykjavík. Elk uur stromen hostels, boekenwinkels, hotels, restaurants, platenwinkels en cafés vol met kijklustige festivalgangers, die hopen de volgende wereldster in een zo klein mogelijke locatie te zien. Of de jongens van Saytan, die vrijwel letterlijk vijf man en een paardenkop naar "The English Pub" lokten, de volgende wereldsterren zullen worden, lijkt ons onwaarschijnlijk. De IJslanders maakten er een wedstrijdje ram zo hard als je kan op je instrumenten van, wat resulteerde in de creatie van een oorverdovend geluid, interactie met het publiek was onbestaande (gitarist Sigurvin Edgard Pálsson stond heel het optreden met zijn rug naar het publiek) en we waren dan ook gelukkig toen de laatste noten uitgestorven raakten.

Op naar het volgende op de agenda dan maar, en het was meteen een klepper van formaat. Emiliana Torrini maakte haar opwachting in KEX Hostel. Helaas voor ons was het er traditiegetrouw weer erg drummen en was er maar weinig te zien van de erg kleine Torrini. Edoch, muzikaal klonk het allemaal heel erg sterk, en ook de nieuwe nummers uit Tookah konden bekoren. Wat ook kon bekoren was het optreden van For A Minor Reflection, deze postrockende IJslanders traden op in de kleine doch gezellige bar 'Kaffibarinn'. Voor ons de eerste keer dat we dit viertal aan het werk konden zien en het was er meteen boenk op. Strakke soundscapes, goed uitgebalanceerde nummers en een erg enthousiast publiek dat volop mee headbangde en de strakspelende groep antwoordde met een tinnitusopwekkend applaus na elke song.

Het was ondertussen al zes uur en de zon was zich al achter de hoogste fjorden gaan verstoppen, gewapend tegen de koude trokken we naar Hlemmur Square Hostel voor het optreden van het Duitse duo Me and My Drummer. Vorig jaar verkozen wij hun debuutalbum 'The Hawk, The Beak, The Prey' (de recensie lees je hier) tot album van het jaar en een optreden van hen missen, zat er dus absoluut niet in. Ongelijk hadden we absoluut niet, want het tweetal wist te verleiden met het sensuele 'Don't Be So Hot', op te zwepen met het sterk opbouwende 'You're A Runner' en te verbazen met een exquise uitvoering van 'Runner (Reprise)', dat op plaat niet echt ergens naartoe gaat, maar live omgebouwd wordt tot een apotheose van jewelste.

Daarna was het tijd om het officiële parcours te gaan verkennen en eerste op de lijst stond was Grísalappalísa, naar het schijnt een IJslandse superband bestaande uit enkele levende legendes waar we er geen enkele van kennen. De show zelf was aangenaam losgaan op de rock'n'roll die het vijftal op ons losliet. Allemaal niet te serieus te nemen en op die manier erg ontspannend en leuk. Agent Fresco die Grísalappalísa opvolgden in het kunstmuseum, met voorsprong onze favoriete venue, komt ergens dit jaar met een nieuw album op de proppen en kregen een uitstekende gelegenheid om enkele nieuwe nummers op het publiek los te laten. En of ze dat deden, de twee nieuwe nummers, de namen ontglippen ons even, die de zaal ingestuurd werden, konden ons zeker bekoren en het publiek was ook behoorlijk enthousiast. Zonder meer een album om naar uit te kijken dus.

De prachtige concerthal Harpa was de volgende stop op onze route voor het concert van Samaris. Het nieuwe wonderkind van de IJslandse muziekscene. Met subtiele elektrobliepjes, zweverige zang en een toch wat beangstigende klarinet er tussendoor slaagde het onconventionele drietal er in om een geweldige David Lynch-achtige sfeer te creëren en tegelijk dansbaar te blijven. Hou deze jongens dus maar in de gaten. Bloodgroup mocht Samaris komen aflossen en deed dat absoluut met verve, al was het moeilijk om de focus op de muziek te houden, aangezien de knappe zangeres Sunna Þórisdóttir ons trachtte af te leiden met erg verleidelijke danspasjes. De synthpop/indietronica die het quintet op ons los liet was niet te versmaden. Absolute hoogtepunten waren "My Arms", "Nothing is written in the stars" (single van de week geweest), "A Threat" en "This Heart". 


De avond afsluiten deden we met een knal, geheel verzorgd door mensen die we ondertussen feestproffesionals kunnen noemen: FM Belfast. Op plaat misschien nog wel wat lounge-achtig, maar live een gegarandeerd feestje en ook deze keer wist het talrijk opgekomen publiek niet wat het overkwam. Confettikanonnen, opzwepende beats, de gekke danspasjes van "The Dancing Bureaucrat" en het obligate in het ondergoed rondlopen tijdens "Underwear". Het publiek werd absoluut wild en zelfs wij wisten niet meer waar we het hadden, het was niet de eerste keer dat we hen live aan het werk zagen, maar het was absoluut wel de allerbeste keer, wat het precies was, weten we niet, maar de band leek gekker te doen dan anders, nog opzwepender te zijn dan anders. Toen de laatste noten van bisnummer "I don't want to go to sleep either" uitgestorven waren, zat de eerste dag van Airwaves er al weer op, de festivalgangers trokken de stad in op zoek naar afterparties of in sommige gevallen slaap.
Aron

zondag 3 november 2013

Single van de week: Until The Ribbon Breaks - Romeo

Enkele weken terug waren we al onder de indruk toen we 2025 (zeker opzoeken) van Until The Ribbon Breaks voor het eerst hoorden. Until The Ribbon Breaks is het eenmans-RnB-project van Welshman Pete Lawrie, die voornamelijk opvalt met zijn engelenstem. Nu is er nieuwe single Romeo en hij is weerom meer dan genietbaar!


Concertverslag: Crystal Fighters (The Big Live, Antwerpen)

Ik moet eerlijk bekennen dat ik weinig heb met Jim tv en het mij gestolen kan worden dat Eline De Munck, Sean Dhont en hun twee vriendjes een week live televisie maken. Als er echter in dit kader een gratis optreden van Crystal Fighters wordt aangeboden, ben ik aanwezig. Zeker de dag nadat ik ze had gemist in de vooruit door de schuld van de heren van 65daysofstatic.

Het was de tweede maal dat ik de mannen en vrouwen van Crystal Fighters aan het werk kon zien. Van de vorige keer wist ik nog dat hun specialiteit ‘de boel laten ontploffen’ is. Hetzelfde enthousiasme werd door de band zeker terug aan dag gelegd. Het was weer genieten van de beste songs van zowel het eerste als het tweede album. Daar ik net iets te laat was, begon het voor mij met Follow. Er werd gegrasduind langs singles als Plage en You & I, maar ook album tracks als I Love London, Champion Sound en Are We One passeerden de revue. Enkel de samenwerking met Feed Me, Love is All I Got, werd gemist, maar dit was misschien gespeeld voor ik er was. De reguliere set werd afgesloten met een uiterst dansbaar Xtatic Truth.


Op aangeven van Eline De Munck kwamen ze nog terug voor Wave. Niets op aan te merken dus eigenlijk, maar toch overtuigde het optreden niet helemaal. Ze hadden dan ook nogal last van het ‘gratis optreden publiek’-syndroom. Zoals elke muziekliefhebber al wel eens heeft meegemaakt staat er net voor u iemand over de muziek te tetteren of is maar de helft van de aanwezigen bereid mee te klappen. Een goed optreden dus, maar, zonder er zelf veel fout aan te doen, geen echte explosie waar het dak eraf ging.

Aroen

zaterdag 2 november 2013

Concertverslag: 65daysofstatic (Het Depot, Leuven)

Terwijl er in Ijsland gewerkt wordt voor onze blog, staan we hier in België ook niet stil. In september konden we er niet bij zijn in de handelsbeurs, dus moesten we op deze vrijdagavond wel richting het Depot voor 65daysofstatic. We hebben ze nu al meerdere malen gezien, maar hun platen blijven verrassen en hun liveshows even spetterend. De nieuwe plaat kende een terugkeer weg van de elektronica zonder deze helemaal te vergeten, iets wat op plaat wonderwel werkt. Nu nog zien of het live even straf was.

De openers voor deze avond waren de Aussies van sleepmakeswaves, die een opzwepende, iets hardere vorm van postrock brengen (denk (eerste platen van) 65daysofstatic, God Is An Astronaut en vooral And So I Watch You From Afar). Laat dit nu net een vorm van postrock zijn die mij zeker aanspreekt. Door het ontbreken van de cliché opbouw van postrocksongs knalden de songs van begin tot einde. Tof voorprogramma dus, zou het niet erg vinden ze nog eens te zien.

Dan was het dus tijd voor de hoofdact. De set werd onmiddellijk geopend met een nieuwe song, namelijk opener van Wild Light, Heat Death Infinity Splitter. De songs van de nieuwste plaat zoals Prisms, Taipei en The Undertow werden lustig gemixt met oudere zoals Crash Tactics en Dance Dance Dance zonder dat er een niveauverschil te bemerken was. Het was zoals we gewend zijn weerom een straf optreden van de mannen van 65daysofstatic. Helemaal niets op aan te merken.


Het enige nogal grote minpunt van de avond, was dat we vervroegd moesten vertrekken om onze trein te kunnen halen. Enkele van onze favoriete songs kregen we dus niet te horen, bijvoorbeeld The Distant and Mechanised Glow of Eastern European Dance Parties, Tiger girl, Radio Protector en Retreat! Retreat!. Als we dan kijken naar de setlist van vorige optredens zien we dat de kans op minstens één van de laatste drie er zeker in zat. Jammer dus, maar het leek of de mannen wisten dat ik vroeger weg moest. Ze speelden net voor ik vertrok namelijk een versplinterende versie van Sleepwalk City. Een mooi afscheid van een veel te korte avond!

Aroen

dinsdag 29 oktober 2013

CD-review: Sad Day For Puppets - Come Closer

Sad Day For Puppets is geen huishoudnaam in onze contreien, maar zou dat ondertussen wel mogen zijn. Deze band uit Stockholm kan ondertussen een indrukwekkend palmares voorleggen. Zo tourden ze onder meer met Editors, The Raveonettes en A Place To Bury Strangers. De band brengt pop-zoetigheid die zichzelf tegoed heeft gedaan aan een bijtende shoegazeglans en doorleefde melancholie. In het oog van deze popnoisestorm staat de engelenstem van Anna Eklund; haar breekbare vocals voorzien de band van een eigen smoelwerk en identiteit. Op 28 augustus verscheen hun derde full album "Come Closer". Dit album markeert een belangrijk kruispunt in de carrière van de band: leadgitarist Marcus Sandgren verliet SDFP voor de opnames begonnen. Door dit vertrek zag de band zich genoodzaakt op zoek te gaan naar alternatieven.

Zo lijkt de nieuwe plaat te putten uit de muzikale erfenis van eighties synthbands, in tegenstelling tot zijn voorgangers, waar een uitgesproken leadgitaar steeds het voortouw nam. Niet als truckje echter. Zoals de shoegaze noise op een slimme manier in de sound verwerkt was, zo staat nu het gebruik van deze synths steeds ten dienste van de song, die nog steeds onmiskenbaar de Sad Day For Puppets stempel dragen. "Sugar" is een sprekend voorbeeld van hoe synths een stevige basis geven voor de immer roerende vocals die Anna Eklund schijnbaar moeiteloos over de song heen drapeert. 

'Come Closer' als geheel houdt netjes een comfortabele afstand van de vroegere shoegaze noise en SDFP opteren voor een toegankelijker, poppy-er geluid, dat altijd al latent aanwezig was in hun vroegere werk, maar nu niet langer gedomineerd wordt door een fuzz-muur. Dat wil in geen geval zeggen dat de band inboet aan haar herkenbare bitterzoete vibe, waarbij vrolijkheid en vitriool nooit ver uit elkaars buurt vertoeven. Met opener en single Cold hand is de toon meteen gezet, een toon die zich verderzet op de volgende negen songs: bitterzoete catchiness verpakt in een 3 minuten format. Hapt verleidelijk lekker weg. Zoals gezegd: nog geen huishoudnaam…maar daar dient dringend verandering in te komen. De band klinkt dus duidelijk anders sinds het vertrek van leadgitarist Marcus Sandgren.

Anna Eklund: "Marcus Sandgren besloot de band te verlaten om zich volledig te focussen op zijn eigen project Cut-Out Witch. Dat heeft onze sound onvermijdelijk ingrijpend veranderd. Hoe drastisch ook, het was geen vechtscheiding of zo, we zijn nog steeds de beste vrienden. Alex (bass red.) heeft zich daarna volledig op synths gestort en kwam op de proppen met de syntharrangementen voor het album. Het was duidelijk dat we een heel andere richting waren ingeslagen. Komt er nog bij dat we het album in een voor ons totaal nieuwe omgeving opgenomen hebben met een nieuwe producer. Het voelde allemaal heel onontgonnen aan."

If Music Could Talk: "Was het zwaar om de dynamiek van een quintet overboord te gooien? Of opende dit juist perspectieven die voordien niet mogelijk waren?"

Eklund: "Om eerlijk te zijn voelde ik me tijdens het opname-proces nogal eenzaam. Voordien namen we steeds op in Alex’ eigen studio, waarbij Martin Källholm (gitaar, songwriter van SDFP red.) ook steeds aanwezig was. Deze keer echter, werden de vocals pas opgenomen nadat de muziek op band was gezet. Ik was dus enkel aangewezen op de producer in een wel erg gigantische studio. De opnames verliepen vlot en ik heb me wel geamuseerd maar voelde me toch afgesneden van de rest van de band. Ik miste de anderen. Het feit dat het laatste optreden alweer een hele poos achter ons lag, droeg ook bij tot dat gevoel." 

IMCT: "Martin Källholm, songsmid van dienst, schrijft naast de muziek ook de lyrics. Kan je je gemakkelijk vinden in andermans teksten? Hoe druk je je eigen stempel op de woorden die je zingt?"

Eklund: "Dat is vrij eenvoudig: ik ben fan van Martins teksten en kan me er in vinden. Ik moet er niet echt moeite voor doen, het gebeurt gewoon. De beelden en gevoelens die ik krijg tijdens het zingen komen vanzelf, ook al vinden ze hun oorsprong in het verhaal van iemand anders." 

IMCT: "Veel kunstenaars komen in een heel andere vibe van zodra ze op het podium staan, een gemoedstoestand die niet voortkomt in het ‘gewone’ leven. Gaat dit ook voor jou op?"

Eklund: "Niet echt, nee. Maar ik kan niet ontkennen dat het podium iets met mij doet. Het is een soort van verheven realiteit, als je begrijpt wat ik bedoel. Ik probeer te ontspannen en mezelf te zijn, maar de Anna Eklund op het podium zal altijd een beetje verschillen van de Anna in haar gewone omgeving." 

IMCT: "Over podia gesproken: je speelt ook bij theatergroep Teater Tillsammans. Verschilt dit van op het podium te staan met SDFP?  Of zijn er raakvlakken?"

Eklund: "Ik heb ondertussen 3 theaterproducties achter de rug en één film. Verder volg ik zoveel mogelijk acteer-workshops. Maar eerlijkheidshalve: op de planken staan in een theatervoorstelling is heel opwindend maar veel angstaanjagender dan zingen met een band achter je." 

IMCT: "Jullie hebben onder meer getourd in Japan, Spanje en Engeland. Welke indrukken liet dat na?"

Eklund: "Japan was heel cool. Voordien was ik nog niet buiten Europa geweest, dus ja, ik heb er erg van genoten. Het Japanse publiek was ook heel enthousiast. Er waren er zelfs bij die alle teksten uit het hoofd kenden, voor ons toch wel een vreemde ervaring: heel ver weg van Stockholm en toch waren de mensen vertrouwd met onze song. We waren verrast en vereerd tegelijk. Af en toe wou ik dat we wat meer tijd hadden om wat meer van de steden te zien waar we speelden. Soms lijkt touren op een aaneenschakeling van clubs en zalen, meer niet. Maar zo werkt dat nu éénmaal: je bent daar voor die ene reden: spelen voor de fans. Een positieve respons en warmte van het publiek zijn steeds het hoogste doel."



Free Duran

zondag 27 oktober 2013

Single van de Week: Arcade Fire - Afterlife

Niet geheel een verrassing te noemen, maar onze single van de week komt van Arcade Fire. "Afterlife" swingt de pan en doet, samen met het eerder gereleasete "Reflektor", het beste vermoeden voor de nieuwe plaat die op 29 oktober in de rekken zal liggen. Voor de cinefielen onder u, de beelden van de clip komen uit de film 'Black Orpheus' ('Orpheu Negro') uit 1959.