zaterdag 11 mei 2013

Concertverslag: Les Nuits Botanique: Olafur Arnalds + Valgeir Sigurðsson + Will Samson


Olafur Arnalds kwam op Les Nuits Botanique samen met Will Samson en Valgeir Sigurðsson naar het Koninklijk Circus afgezakt, dat voor Olafur Arnalds zelfs enkel met de onderste verdieping toch wat groot was. Al had hij een volle Cirque zeker verdiend.

Will Samson mocht aftrappen. Hij kreeg een half uurtje tijd en deed samen met zijn vriend Olli in hoofdzaak drie dingen. Hij liet het publiek meermaals weten hoe dankbaar hij was dat zoveel mensen al zo vroeg naar hem kwamen kijken, hij creëerde soundscapes (die af en toe wat saai werden) en ontroerde met zijn korrelige en enorm straffe kopstem. Dat hij lang schrik had om die te gebruiken en zich vroeger niet kon voorstellen dat hij zijn nummers met zang buiten zijn huis zou brengen, zegt meer over zijn bescheidenheid en te lage zelfwaardering dan over zijn klasse. Alleen jammer dat het niet altijd even boeiend bleef, maar op zijn minst een heel mooie voorbode van wat zou komen.

Valgeir Sigurðsson deed met zijn podiumtijd enkele zeer vreemde dingen. De IJslander heeft vooral zijn strepen verdiend als producer (Feist, Bonnie 'Prince' Billy, Björk), maar is ook al aan zijn derde soloplaat Architecture of Loss toe. Zijn concert kon je grofweg in twee delen, waarbij hij bij het eerste deel voornamelijk achter zijn laptop plaatsnam en clashte met een celliste en violiste. Die nummers leken niet altijd ergens naartoe te gaan en hoefden blijkbaar ook niet goed te klinken. Mijn aandacht verschoof dan ook regelmatig naar de decibelmeter die plots interessanter leek (en trouwens heel de avond lang nooit ver boven de 90 dB uitsteeg). Naar het einde toe nam hij vaker plaats achter zijn piano en ging het er harmonieuzer aan toe. Hij bracht nog twee 21ste eeuwse versies van 16de en 17de eeuwse composities ("we bewegen dichter naar het heden" kondigde hij bij dat laatste nummer droogweg aan) en bracht nog een prachtig eindnummer.

De hoofdact van de avond was wellicht degene waar de meeste mensen voor kwamen en hij overvleugelde de rest ook gemakkelijk. Olafur Arnalds kwam op met zijn vier strijkers en bracht meteen het publiek aan het lachen met zijn typische stuntelige grapjes en Engels met een IJslands accent. Net als in Leuven een half jaar geleden begon hij met het vragen van hulp aan het publiek om de grondlaag voor zijn eerste nummer te leggen door gezamenlijk één toon aan te houden. Vanaf dat ogenblik had hij iedereen al meegezogen in zijn bloedmooie concert.

Hij begon met nummers uit vorige cd's (...And They Have Escaped The Weight Of Darkness en Living Room Songs) in een puur en akoestisch begin. Enkel hij met zijn piano en de vier strijkers die hij mee had gebracht. In vergelijking met zijn concert in Leuven brachten de extra strijker een veel vollere sound en dit bracht de emotie veel beter over.

Nadien kwam er een extra man op het podium die zich aan de knoppen zette, wat uiteraard aankondigde dat nummers uit de nieuwe plaat, die veel elektronischer is, eraan zaten te komen. Helaas slaagde die erin zijn entree volledig te missen door het slagwerk van Only The Winds volledig verkeerd te timen en zo dat nummer wat om zeep te helpen. Nadien hield hij nog enkele keren een trombone vast, maar we konden hem niet meteen horen spelen. Nadien volgde nog een mix van oudere en nieuwe nummers, waarbij Gleypa Okkúr en Brotsjór hoogtepunten waren.

Het eindschot werd ingezet bij een wederom fantastische soloprestatie van de violist, die het moeilijke 3326 als een virtuoos bracht en daar een enorme applausronde voor kreeg en verdiende. Olafur zelf was ondertussen van het podium verdwenen, hij verliet zijn eigen show even voor wat later een heel goede reden bleek te zijn. Een kleine golf van verwondering steeg namelijk uit het publiek toen er nog een nieuwe man het podium opstapte. Arnor Dan (we hadden het al aangekondigd) kwam de laatste nummers meezingen en blijkbaar deed hij dit maar enkele shows. We hebben dus geluk gehad.

Zich richtend naar Olafur en met zijn typische handgebaren die wat aan een hardcorezanger deden denken, bracht hij een briljante liveversie van For Now I Am Winter. Na een overweldigend mooi Old Skin kwam Olafur Arnalds nog terug voor een bisnummer. Hij bracht solo een nummer dat hij had geschreven voor zijn oma, Lag Fyrir Ömmu. Terwijl veel mensen wellicht al tranen in de ogen hadden, speelde Arnalds stiller en stiller, waarna uit de coulissen het vioolspel van dit nummer zachtjes te horen was. Het publiek was er zo stil van geworden dat het nog secondenlang duurde voor iemand durfde te klappen, waarna een groot applaus losbarstte. Oververdiend.


woensdag 8 mei 2013

Concertverslag: Les Nuits Botanique: Sóley + Rebekka Karijord (Botanique)

We weten eigenlijk niet goed wat te denken over Les Nuits Botanique. Is het een festival of is het gewoon een reeks concerten? Het eerste zou je denken, en zo profileren ze zich ook, maar waarom kan je dan geen dagtickets kopen voor alle zalen? Waarom moet je voor elk optreden een ander kaartje kopen? Nu ja, niet dat het ons ook maar iets kan schelen, dus trokken we maar naar Sint-Joost-ten-Node. Ditmaal voor een bezoekje aan de Rotonde, waar de IJslandse Sóley en de Noorse Rebekka Karijord, tekenden voor een Noordse avond met een leuke verrassing. De IJslandse jongedame kenden we al langer, maar de Noorse was nieuw voor ons. En zij blies ons verrassend genoeg omver met haar overweldigende muziek en geweldige stem.


First things first. Toen Sóley het podium op kwam, was de toch wel kleine Rotonde tot de nok gevuld. Iets wat ons al een eerste keer verraste, aangezien we niet meer dan vijfentwintig mensen verwacht hadden. Nu ja, geen probleem natuurlijk en ook voor de artiesten zelf is het aangenamer. De jongedame begon haar optreden met een nieuw nummer "Don't Ever Listen", en ging daarna verder met "Fight Them Soft". Die laatste titel leek wel haar motto te zijn en het begin was dan ook erg stroef en een beetje saai. Ook "The Sun Is Going Down" leek geen beterschap te brengen. We begonnen te vrezen dat ze het ons weer zou lappen en een saai concert zou gaan geven.

Dat was dan iets te snel geoordeeld, want met "Kill That Clown" kwam er wat meer animo en schwung, zoals ze dat zo mooi zeggen, in het optreden. Nadien volgde nog een nieuw nummer "Wedding". Nu ja, nieuw. Ze had het enkele maanden geleden ook al gespeeld tijdens Airwaves, alleen was het lied toen nog niet af en kon ze ons nog niet vertellen of het verhaal een happy end kreeg of niet. Gisteren in de Botanique kon ze dat wel en het werd dus een horrorlied. Met "Smashed Birds" en "Pretty Face" kwamen haar twee grootste hits (als we dat zo mogen zeggen) aan de beurt en de publieksreactie was bij deze nummers dan ook een pak enthousiaster dan bij de andere. Bij "Smashed Birds" moest ze nog even haar gitaar stemmen en bedankte ze het publiek voor het geduld. "You learned really good manners in school, or maybe you just died from eating chocolate". Er werd uiteindelijk afgesloten met "I'll Drown".

Het publiek schreeuwde om een bisnummer, dus kwam de jongedame terug het podium op, niet om te spelen, maar om te zeggen dat er geen tijd meer is. Haar verlegenheid en de onwennigheid die daar aan te pas komt, is ongetwijfeld haar grootste troef, want dat maakt het geheel grappiger en soms ietwat aandoenlijk. Het optreden zelf was goed, niet meer, niet minder, maar het had wel meer kunnen zijn, als ze iets beter uit de startblokken was gekomen.

Rebekka Karijord had daar dan weer geen last van. Eerst kwamen haar muzikant het podium op. Twee drummers, een van de twee beschikte slechts over een tom en een gitarist. Dat drietal begon overal op te slaan, voor de twee die over een drumstel beschikten geen probleem, want die konden daar op trommelen, maar de gitarist begon eerst op de vloer te slaan, nadien op een kist en dan op zijn gitaar. Onder luid tromgeroffel kwam mevrouw Karijord dan opzetten. In een jurk die helemaal versierd was met toeters en bellen, waardoor ze geluid maakte met elke beweging. Dat we een vreemd optreden zouden gaan krijgen was al zeker.

Helaas kennen we de muziek van mevrouw Karijord niet heel erg goed en kunnen we u dus niet zeggen welke nummers ze precies gespeeld heeft (ook een zoektocht op internet maakte ons niet veel wijzer). We weten alleen dat het ongelooflijk goed was. De jongedame heeft een klok van een stem, en de muziek is gewoonweg overweldigend. Een soort droevige liefdesliedjes, meestal in de romantische stroming, dat wil zeggen dat het altijd tragisch eindigt en meestal de dood tot gevolg heeft.

Toch was het allerminst zwaarmoedig, en in de beste momenten deed de Noorse ons denken aan Florence and the Machine, Soap&Skin en Me and my Drummer. Grootse sterke muziek, met een frontvrouw die van wanten weet. Ook de instrumentatie, waar een bepaalde natuurkracht van uit ging, mocht er zijn. Helaas kunnen we u over deze artiest niet veel meer vertellen, daarvoor is onze kennis er over niet groot genoeg.

In elk geval beleefden we een heel aangename avond in Saint-Josse. En Rebekka Karijord, daar gaan we toch op studeren, want de volgende keer dat ze België aandoet, willen we er weer bij zijn, en dan zouden we u graag een volwaardig verslag aanbieden.



dinsdag 7 mei 2013

Concertverslag: The Knife (Ancienne Belgique)


Mocht u het ons ooit gevraagd hebben, we zouden gezegd hebben dat David Bowie op nummer 1 staat in ons “te zien”-lijstje. Echter zouden we onze nummer twee op dat lijstje ook direct vernoemd hebben, namelijk The Knife. Als je ons daar bovenop nog de sappige reacties op de eerste optredens geeft, moeten we er geen tekening bij maken. Deze zondag waren we zo opgewekt als een kind dat voor de eerste keer het sprookjesbos in de Efteling ziet. En geheel onterecht was dat niet.

"Shaking the Habitual" was het, en dus konden we helemaal niets normaal verwachten tijdens deze show, ook het voorprogramma was dat niet."Shaking hte Habitual" mag je dus letterlijk nemen en daar doen wij graag aan mee, want deze keer, tegen alle verwachtingen in, geen slecht woord over het voorprogramma. 'Deep aerobics' hadden geen saaie, doorsnee songs en konden ons het volle kwartier boeien. Benen en armen losgooien op aangename beats en onverstaanbare feministische leuzen, wat kan een mens meer willen. Het enige minpunt was de luie, beschroomde (ik weet niet wat iedereen tegenhield) Belg. Had de hele zaal meegedaan, dan had iedereen het veel leuker gevonden.

Zonder pauze was het onmiddellijk tijd voor het serieuze werk. Op de tonen van 'A Cherry On Top' kwamen zo'n tiental glittermonniken het podium op, om, voorzien van futuristische instrumenten, zoals een grote, éénsnarige viool en een lichtgevende harp, het verscheurende 'Raging Lung' in te zetten. Meteen werd ook duidelijk dat er visueel niets zou aan te merken zijn tijdens deze prachtige show. Met het oude 'Bird' gingen ze op hetzelfde elan verder.

Toen werden de glitterpijen afgeworpen en de instrumenten opzijgeschoven om bij 'Without You My Life Would Be Boring' en single 'A Tooth For An Eye' een dans in te zetten. Geen zang of bespeelde instrumenten, enkel dans. Maar waren die eerste songs dan wel “live” gespeeld? Met deze ambiguïteit werd de rest van de show gespeeld. In 'One Hit' had de dans iets weg van een dialoog en bij ambienttrack 'Networking' was de dansvloer vrij voor de lichttechnicus. Inderdaad, een leeg podium waar de lichttechnicus zijn ding mocht doen.

Voor 'Wrap Your Arms Around Me' en 'Got 2 Let U' werden de microfoons weer bovengehaald. Bij de eerste kwam er een koor aan te pas en de bij de tweede was de “Karin” van dienst er een met verdacht veel baardgroei (een veruitwendiging van hun feminisme?). Bij het snedige 'Ready To Loose' leek het ons wel echt Karin aan de microfoon en piano voor de ingetogen live-versie.

Bij 'Full of Fire' was het weer dansen geblazen, alhoewel er in de eerste vijf minuten geen beweging te zien was bij de mensen op het podium. Bij duet 'Stay Out Here', leek het podium naar achter geschoven en was het grootste deel van de dansers mee publiek terwijl twee anderen “zongen”. Toen was het na 1,5 uur al tijd voor de afsluiter, maar wat voor één. Een met dansbare beats doorspekte (??en live gezongen??) versie van 'Silent Shout', voorzien van prachtige grafische effecten. Een sterke afsluiter van een topavond.

Nu is het in het besluit, naar wat we al gelezen hebben, tijd voor grote uitspraken. Ten eerste was deze prachtige show natuurlijk een statement dat ons moet wakker schudden van wat de muziekindustrie geworden is en dat op zich is al geweldig. Om het met de woorden van redactielid Aron te zeggen: “ceci n'est pas une pipe, maar dan op muzikaal niveau”. Ten tweede, wat vonden we ervan. Wel, ik ga niet zeggen dat ik het nogal avant-gardistisch vond of met andere dure termen beginnen goochelen zodat ik, zoals hipsters dat doen, vermijd iets slecht te moeten zeggen over The Knife. Ik vond het gewoon leuk en aangenaam. Ik begrijp de commentaar van de mensen die, geheel terecht, een live-show wilden, maar ik had gewoon een topavond!

Aroen

zondag 5 mei 2013

Single van de week: London Grammar - Wasting My Young Years

Deze week is onze single van de week weer een leuk, jong bandje dat we jullie niet willen ontzeggen. Namelijk London Grammar met het prachtige Wasting My Young Years!


donderdag 2 mei 2013

Concertverslag: Ellie Goulding (Ancienne Belgique)

Op tournee gaan, is vrijwel een verplicht nummertje als je net een nieuwe cd uit hebt, zeker als die ook nog eens goed verkoopt en blijkt dat je populair bent. Zo gaat het ook met de Britse Ellie Goulding, die op haar Europese tournee ook België aandeed. Geen festivalbezoek deze keer, maar een tripje naar de Ancienne Belgique. Op de populariteit van de Britse Ellie Goulding staat geen maat meer sinds haar laatste cd, Halcyon. De Ancienne Belgique liep dan ook aardig vol voor het concert van Ellie Goulding, op een gegeven moment konden we zelfs moeilijk bewegen door de drukte. Dat alles deed weinig af van de kwaliteit, alleen waren de twee voorprogramma's er misschien wel te veel aan.

Wie hier af en toe eens een concertverslag leest, weet waarschijnlijk wel al dat we geen onvoorwaardelijke fan zijn van het gemiddelde voorprogramma, heel erg enthousiast werden we dan ook niet toen we vernamen dat we maar liefst twee opwarmertjes te verwerken zouden krijgen deze avond.

Maar goed, iedereen verdient een kans uiteraard. Matthew Koma mocht de spits afbijten. Wij hadden er eerlijk gezegd nog nooit van gehoord, maar aan de behoorlijk enthousiaste reacties van het al talrijk opgekomen publiek te zien waren we zo ongeveer de enigen. Wat alleszins al kan gezegd worden is dat hij zijn naam geen eer aandeed, slaapverwekkend was het allerminst! De eerste twee nummers klonken zelfs vrij goed: bombastische gitaren, vermengd met subtiele electronicabliepjes zoals we ze graag hebben. Jammer genoeg bleek het geen voorbode van een echt goed optreden te zijn, en al snel verzande het in een verzameling kleffe, onoriginele deuntjes, die ons zelfs even aan One Direction deden denken (gesteld dat we zouden weten hoe One Direction klinkt).

Charli XCX was de volgende in de rij, en waar we dachten dat Matthew Koma een groot ego had voor een voorprogramma, bleek dat van Charli nog twee keer zo groot te zijn. Jammer genoeg rechtvaardigden de songs dit ook bij haar niet. U kan ze trouwens kennen van 'I love it' van Icona Pop, waarop Charli de vocals verzorgt. Een nummer dat ze vanavond ook speelde, en waarbij het kwaliteitsverschil (en het verschil in publieksreactie) met haar eigen nummers vrij hard opviel. Wat we onthouden van dit optreden: Charli XCX wil het graag maken, heeft moeite om haar heupen stil te houden, en 'shit' is een hip woord.

Saai kan je de beide voorprogramma's niet noemen, maar goed jammer genoeg toch ook niet, wat waren we blij toen Ellie Goulding eindelijk aan de beurt kwam. Aftrappen deed ze met drie nummers uit haar nieuwe plaat, "Don't Say a Word", "Halcyon" en "Figure 8". Bij die eerste kwam eerst Gouldings uitmuntende begeleidingsband het podium op om de muziek te starten, nadien, na de intrigererende intro kwam Goulding het podium opgehuppeld. Bij "Halcyon" werd het tempo nog eens opgeschroefd en "Figure 8" zorgde voor de gekende speelse noot. We kregen meteen wat we wilden en dat is alles wat Goudling zo succesvol maakt: mysterie gekoppeld aan talent en een zekere speelsheid.

Nadien volgde met "Salt Skin" al een eerste hoogtepunt. Het tempo werd er vervolgens wat uitgehaald met "Joy" en "Explosions", het publiek kon deze iets rustigere passage best wel smaken. Met "Guns & Horses" volgde een persoonlijke favoriet. Vervolgens vond Goulding dat het tijd was een blikje sentimentaliteit open te trekken. "I Know you Care" waarbij de jongedame begeleid werd door Rick (wie kent hem niet) werd opgevolgd door de Elton John cover "Our Song". Die laatste werd ingeleid met een behoorlijk doorzichtig en op voorhand ingestudeerd toneelstukje en dat ging zo: "I'm just going to ask Rick what song he wants to play next" "Oh, you want to do a cover song? Let's do it then". U hoort het, Beckett, Shakespeare en Elton hebben er niets aan.

Voor de rest kabbelde het wat, met enkele uitschieters zoals "Only You" en "Anything Could Happen". We kregen tussendoor verschillende keren de verplichte marketingtalk te horen zoals "You're the best audience ever" en "You're making me smile more than usual". Nu ja een artiest moet zijn public relations nu eenmaal verzorgen. De reguliere set werd uiteindelijk afgesloten met "Starry Eyed", een lied dat het publiek, volledig terecht, in extase bracht.

De bisronde bestond uit twee nummers "I Need Your Love", dat de Britse samen met Calvin Harris maakte en "Lights". Deze twee nummers deden wat we eigenlijk het hele optreden door verwacht hadden, maar iets te weinig kregen, dat is aangename, dansbare muziek maken en de AB omtoveren tot een tof feestje. "Lights" kreeg zelfs een aangename finale, waarin de het nummer zodanig op zijn Skrillex geremixt werd dat het moeilijk was om niet in een ongeneeslijke danskramp te schieten.

Ellie Goulding in de Ancienne Belgique was dus een ongetwijfeld aangename en leuke ervaring. De ene keer dansbaar en speels, de andere keer akoestische piano- en gitaarnummers. We amuseerden ons te pletter, toch keken we meer dan gewoonlijk op ons horloge, wellicht niet de schuld van de Goulding zelf, maar eerder van de twee voorprogramma's die op twee nummers na niet veel te bieden hadden en er voor zorgden dat we de indruk hadden dat we echt lang in de AB waren. Toch nog een bemerking over Ellie zelf dan: in vergelijking met de vorige keer dat we haar gezig zagen, was ze niet alleen duidelijk haar onschuld verloren, maar ontbrak het duidelijk vooral aan één ding: spontaniteit. Die marketingtalk mag ze in het vervolg gerust achterwege laten, want die heeft ze helemaal niet nodig en wekt alleen maar een nepsfeertje op waar niemand mee gediend is, ook Ellie zelf niet.

Aron

woensdag 1 mei 2013

Concertverslag: Villagers (Handelsbeurs)


Villagers brachten begin dit jaar {Awayland} uit, die hen van een redelijk onbekende band met een kleine cultstatus - Becoming A Jackal was genomineerd voor de Mercury Prize - lanceerde naar een band die één van de eerste must-haves van 2013 maakten en zelfs op de laatste verzamelaar van Studio Brussel is beland. De Ierse band, die voor de gelegenheid een dubbelconcert met Marco Z (we hebben hem links laten liggen, hopelijk vergeeft u ons dat) gaf, kreeg de Handelsbeurs echter niet uitverkocht. Simpelweg onterecht.
Conor O'Brien begon het optreden onverwacht solo. Hij bracht Cecilia & Her Selfhood ook grotendeels a capella, en zette meteen een ijkpunt voor het verdere verloop: nummers met een sterke en lange teksten die plots een andere richting uitgaan en een andere emotie vertegenwoordigen dan eerst gedacht of gevoeld. Met zijn meeslepende kopstem zou hij later nog vaak het publiek in vervoering brengen. Nadat O'Brien toch zijn gitaar had genomen en het onverwachte verhaal over moord had afgerond, kwam de toetsenist erbij en werd Nothing Arrived op een heel straffe, alternatieve manier gebracht. Even later volgde de hele band.
O'Brien bleek ook buiten zijn nummers nog wat te vertellen te hebben. Hij liet zien dat hij zijn les goed had geleerd door Gent te bestempelen als de hoofdstad van de indie rock en het socialisme, twee dingen waar hij wel van hield, vertrouwde hij ons toe. Van Quickenborne zal wellicht groen gelachen hebben vanop de eerste rij. Ook zijn "yeahyeahyeahyeahs" tussen de songs door waren opvallend, en naar het einde toe redelijk hilarisch.
Hij bracht de meeste van zijn nummers met een lichte grijns en een opvallende zelfzekerheid die je niet vaak ziet bij dit soort bands. Dit in contrast met bijvoorbeeld de drummer en bassist, waarbij de ene bijna onbeweeglijk drumde en zijn ogen zelden opendeed en de andere zich amper een houding wist te geven met zijn te groot lijkende basgitaar. Het harde leven als deel van de ritmesectie bij een band die vaak enkel gebruik maken van gitaar en keyboard eist misschien zijn tol, hoewel ze zich moeten optrekken aan het feit dat wanneer op het einde van een nummer alles samenkomt, ook het beste van Villagers bovenkomt. The Bell, The Waves en afsluiter Ship Of Promises waren dan ook hoogtepunten van een concert dat verder baadde in melancholie en zweverigheid, en af en toe een onweerstaanbare melodie. Maar deze nummers gooiden zo'n golf van energie over het publiek dat het jammer was dat meezingen, om toch maar wat energie te kunnen kwijtraken, in zo'n klein gezelschap te hoorbaar en storend zou zijn.
Ze vonden hun idee om bandlid per bandlid op te komen zo sterk dat ze het nog een keer overdeden bij de bisnummers, wat een vreemd déjà vu-gevoel gaf, alsof het concert opnieuw zou beginnen, maar het leek niemand echt te schelen omdat iedereen maar wat blij was dat ze nog drie nummers extra kwamen spelen. Met Becoming A Jackal zetten ze de kroon op het werk, waarmee ze bewezen dat, terwijl de indiefolkhype misschien langzaamaan over lijkt te zijn, hun eigen versie van folk meer is dan een hype. In ieder geval moeilijker (want toegegeven: de onbekendere nummers lagen wat moeilijker in het oor), maar vooral ook een pak tijdlozer.

Maarten